Het uitdagende gevecht met klimaatverandering

,,Een halve graad warmer kan al gevolgen hebben voor de opbrengst van een gewas. Het geeft maar aan hoe snel klimaatverandering invloed kan hebben op onze voedselvoorziening’’, zegt Twan Groot, veredelaar bij Syngenta in Enkhuizen. ,,Voor mij is deze problematiek, of beter gezegd uitdaging, een van de redenen om een carrière als plantveredelaar na te jagen.’’

De 25-jarige Groot, afgestudeerd aan de Wageningen Universiteit, heeft zich gespecialiseerd in kool en houdt zich bij Syngenta momenteel bezig met het veredelen van witte, rode, spits- en Chinese kool. Een droombaan voor de van origine Venhuizer. ,,Absoluut. Als puber werkte ik al in de agrarische sector. Toen vooral in de tulpen bij een buurman van ons en later bij het bedrijf van mijn oom. Daar heb ik kennis gemaakt met deze wondere wereld en wist ik al snel dat ik er meer mee wilde doen’’, legt hij uit. ,,Het spreekt mij heel erg aan een rol te spelen in de uitdagingen waar we voor staan.’’

Extremen

Het creëren van rassen die tegen de stress van weersextremen kunnen – te nat, te droog, te warm, te koud – is een van die uitdagingen. ,,Een kleine verandering in omstandigheden kan er al voor zorgen dat bepaalde schimmels, insecten en bacteriën sneller voet aan de grond krijgen. Dit kan in het slechtste geval vijftig procent van een opbrengst kosten.’’

Groot noemt de trips, een klein insect, als voorbeeld die wereldwijd een grote bedreiging vormt voor onder andere de koolgewassen. ,,Als de trips zich heeft genesteld onder een blad is-ie niet meer tegen te gaan met bestrijdingsmiddelen. Als we daar een oplossing voor vinden, bespaart dat enorm veel energie omdat je uiteindelijk veel efficiënter werkt’’, legt Groot uit. ,,We hebben nu een aantal rassen die goed bestand zijn tegen de trips, maar de eigenschappen moeten ook nog voldoen aan de eisen van de telers. Die combinatie maken, blijft heel moeilijk.’’

Onderzoek

In de queeste naar dat ene nieuwe ras dat voldoet aan alle eisen, staan de veredelaars er niet alleen voor. Groot noemt het onmisbare voorwerk van de onderzoeksafdelingen. ,,Van de onderzoeken, die jaren kunnen duren, zijn wij afhankelijk. De resultaten wijzen ons in de goede richting en bezorgen ons materiaal waarmee wij gericht het veredelingsproces kunnen starten. Om zo uiteindelijk een resistent ras creëren. Zonder hen is het voor ons zoeken naar een speld in een hooiberg. Dan zouden we nagenoeg nooit in slagen in onze missie.’’

Onderzoek vindt bij bedrijven als Syngenta plaats in hypermoderne onderzoekscentra, laboratoria en op het land. Maar er zijn ook samenwerkingsverbanden van concurrerende bedrijven en universiteiten om acute bedreigingen het hoofd te bieden. Op dit moment wordt bijvoorbeeld gezamenlijk onderzoek gedaan naar de koolvlieg. Het bestrijdingsmiddel voor dit beestje is in de ban gedaan. ,,Het vinden van een resistentie is ineens heel belangrijk geworden. Uiteindelijk hopen we alle puzzelstukjes passend te krijgen. Een even boeiend als moeilijk proces.’’

Groot is ervan overtuigd dat het gevecht tegen onder andere de klimaatverandering resultaat gaat opleveren. ,,De rassen zullen altijd beter worden. Natuurlijk profiteren wij daar als bedrijf van, maar ook de telers en uiteindelijk iedereen. Al die ontwikkelingen zijn goed voor het milieu én waarborgen onze voedselvoorziening.’’